Thema 1: Veranderende machtsrelaties in arbeidsverhoudingen
Autoritaire politiek, technologische verandering en neoliberaal beleid hebben ingrijpende gevolgen voor de machtsverhoudingen in arbeidsrelaties (Slobodian, 2025, 2018; Triangle, 2024; De Stefano & Doellgast, 2023). We zien dat de afkalvende effectiviteit van de polder en het collectief overleg de positie van de vakbeweging en werkenden onder druk zet (Been en Keune 2025, Visser 2024). Voor werkenden kan dit leiden tot grotere onzekerheid, verminderde autonomie en inkomen, of beperkingen van inspraak en bescherming tegen werkgeverscontrole. Voor de vakbeweging betekent dit inperking van de ruimte om effectief invloed en controle uit te oefenen in de politieke economie. Tegelijkertijd zien we dat de toenemende macht van autoritaire leiders in de politiek en het bedrijfsleven de democratische instituten waaronder de institutionele en maatschappelijke positie van de vakbeweging onder druk zet (Bieling, 2023). Onderzoek toont aan dat uiterst rechtse en neoliberale politiek fundamentele arbeidsrechten eerder ondermijnen dan versterken (Dukes en Streeck, 2023; Greilinger & Mudde, 2024). Ook Amnesty concludeert dat het demonstratierecht in Nederland onder druk staat (Amnesty, 2022). De gestage uitholling van kerninstituties van het Nederlandse poldermodel en de toenemende druk op de verworvenheden van de vakbeweging vragen zowel om creatieve oplossingen om arbeidsverhoudingen in balans te brengen als om analyses en vertogen die in kaart brengen wat oorzaken en gevolgen zijn.
Als kenniscentrum op het gebied van arbeidsverhoudingen, wil het WBV de impact van verschuivende machtsverhoudingen door politieke en maatschappelijke ontwikkelingen begrijpen vanuit het perspectief van werkenden en de vakbeweging. Hierbij besteden we nadrukkelijk aandacht aan de interactie tussen verschillende domeinen (/niveaus) waar machtsrelaties verschuiven: in de politieke economie (macro), het sociaal en collectief overleg (meso) en de werkvloer (micro).
Ons onderzoek
Het WBV de Burcht streeft de komende jaren naar een leidende en aanjagende positie op dit onderzoeksterrein. Het onderzoek concretiseert de gevolgen van bredere maatschappelijke (sociaaleconomische en politieke) ontwikkelingen op werkenden en de werkvloer en werkt op deze manier toe naar alternatieve voorstellen voor een meer gebalanceerde inrichting van de economie en de arbeidsmarkt. Deze benadering past bij uitstek bij het WBV en de politiek economische, sociologische en antropologische onderzoeksexpertise van het WBV. Door het perspectief van werkenden centraal te stellen, vergroot het WBV wetenschappelijke en praktijkkennis vanuit de werkplek, een structureel onderbelicht perspectief in Nederlands onderzoek.
Het onderzoek binnen dit thema richt zich op verschillende grotere ontwikkelingen, die op zichzelf en in samenhang bestudeerd worden. Een eerste is autoritaire tijden. Het WBV onderzoekt op welke manieren de vakbeweging op de werkvloer en in de nationale politiek omgaat met en tegenwicht biedt aan antidemocratische, welvaartschauvinistische en arbeidsrechten-ondermijnende retoriek en beleid. In het onderzoek zoekt het WBV aansluiting bij internationale initiatieven vanuit de vakbeweging en vakbondsgerelateerde onderzoekers en onderzoeksinstellingen om met internationaal vergelijkend en voortbouwend onderzoek meer inzicht te generen in de gevolgen van autoritair beleid en retoriek voor de positie van werkenden. Daarnaast werkt het WBV aan kennisoverdracht door inzichten uit bestaand onderzoek en praktijkervaringen in samenhang te bespreken voor de Nederlandse context.
Een tweede ontwikkeling die centraal staat en onlosmakelijk verbonden is met voornoemde ontwikkelingen, is dat de ruimte voor werknemersvertegenwoordiging en -invloed afneemt binnen de politieke economie, het sociaal overleg en de werkplek. Het WBV onderzoekt welke gevolgen dit heeft voor de hedendaagse arbeidsverhoudingen, met sectorgericht- en werkplekonderzoek naar collectieve vertegenwoordiging en onderlinge en alledaagse arbeidsrelaties.
Een derde, wederom deels gerelateerde, piste is arbeidsmigratie. Strategische vraagstukken rondom solidariteit, collectiviteitsvorming, organisatie, collectieve bescherming en - handhaving staan hierin centraal. Ook hier wordt zowel gewerkt aan kennisontwikkeling, door sector-gericht- en werkplekonderzoek, als aan kennisoverdracht door internationale kennis en ervaringen te delen via publicaties en bijeenkomsten.
In dit onderzoeksthema wordt gebruik gemaakt van literatuurstudie, beschrijvende statistiek, werkplekonderzoek en interviews en staat het perspectief van de werkenden en vakbonden centraal.