Verslag Wetenschapsmiddag 2026

19-03-2026

Op 11 maart vond onze 10e wetenschapsmiddag plaats. Zo’n 80 mensen luisterden naar een inspirerende keynote van Stan de Spiegelaere over democratie op het werk en verplaatsten zich daarna naar één van de drie workshops waar onderzoekers van het wetenschappelijk bureau vertelden over hun onderzoek. Aan het eind van de middag reikte FNV vice-voorzitter Jacqie van Stigt de scriptieprijs van de vakbeweging 2025 uit aan Sil van den Hoven.

Keynote: ‘Democraten maak je, of kraak je, op het werk’.

Werk speelt een centrale rol in ons leven. Tegelijkertijd doet men alsof werk politiek neutraal is. Dit is een misverstand, benadrukte Stan de Spiegelaere in zijn keynote. 

Werk is autocratisch georganiseerd; werknemers volgen meestal de instructies zonder dat zij de gelegenheid hebben tegenspraak te geven. Deze situatie heeft invloed op hoe mensen zich als (democratische) burgers gedragen. 

Dit heeft volgens De Spiegelaere drie redenen. Ten eerste, men socialiseert op de werkplek, en dus bevordert een democratische werkplek ook democratische normen en waarden, en vice versa. Ten tweede, op de (democratische) werkvloer leert men belangrijke competenties zoals luisteren, kritisch denken en compromissen sluiten. Ten tot slot, een democratische werkplek geeft zelfvertrouwen: ‘Je krijgt pas het gevoel dat je de wereld kunt veranderen als je ook op je eigen werkplek iets in beweging kunt krijgen.’

Hoe moeten we een democratische werkplek organiseren? De Spiegelaere benadrukt dat we dit collectief moeten aanpakken en dat de vakbond een belangrijke school is, of kan zijn, om deze democratie op de werkplek te leren. Tot slot wees hij erop dat deze ideeën verre van nieuw zijn en dat economische democratie een lange geschiedenis heeft, van Alexis de Tocqueville’s middenveld tot Robert Wagners ‘industrial freedom’.

Zijn keynote sloot hij af met een oproep aan politici, ondernemers, vakbonden en werknemers. Zij moeten elk beseffen dat zij een actieve rol hebben in het stimuleren van democratie; “De democratie is geen sprint rond de verkiezingen, het is een dagelijkse training (…) Democratie leer je - of leer je af - op het werk”.

Stan de Spiegelaere is directeur Beleid en Onderzoek bij de Europese vakbondsfederatie UNI Europa en gastprofessor aan de UGent. Eind 2025 verscheen zijn boek: ‘Mondige burger, stille werker?’. 

Ariane Blokzijl (FNV-Academie) reflecteerde op de keynote en besprak de rol van de vakbond als een school voor de democratie. Hoe brengen we democratische waarden en normen effectief over? Een belangrijke democratische waarde die zij aanhaalt, is solidariteit; volgens haar moet deze inclusiever zijn. Hoe bevorderen we kritisch denken, en welke competenties zijn essentieel voor de collectieve beweging? Daarnaast vraagt ze zich af wie noodzakelijk zijn binnen de school voor democratie. Bij het laatste benadrukt ze het belang van samenwerking tussen werknemers, ondernemingsraden en de verbindende rol die vakbondsbestuurders hierin kunnen spelen.

De lezing is hier terug te lezen. Ariane Blokzijls reflectie hier terug te lezen. 

 

Workshops

Workshop 1: Redding van de democratie begint op de werkplek met Stan de Spiegelaere

In deze workshop gingen we met Stan in gesprek over zijn keynote: wat vonden we verrassend en waar was je het niet mee eens, wilde Stan graag weten. ‘Ik vond het niet zo verrassend’, zei een van de deelnemers, ‘ik vraag me vooral af waarom dit belangrijke onderwerp zo lang van de agenda verdwenen is’. Anderen vonden het idee dat democratie op het werk een dam tegen populisme kan zijn en dat er zo’n groot verschil zitten tussen hoger- en lager opgeleiden en hun appreciatie van democratie. Ook wordt er gevraagd wat Stans definitie van populisme is, waarop hij antwoord dat dit voor hem een gevoelde nood aan een sterke leider is die oplossingen gaat brengen.

Het gesprek gaat over de terechte constatering dat het onderwerp lang van de agenda is verdwenen, ook van de vakbondsagenda die zich veel met cao’s bezig is gaan houden, en ook de opmerking dat in veel HR-beleid thema’s die vakbonden hebben geagendeerd in eerdere decennia zijn geïntegreerd. Stan vertelt dat de wortel van de beroemde Duitse mitbestimmung ligt bij vakbonden die zochten naar een manier om grote bedrijven in de ijzer- en staal-industrie onder grotere democratische controle te krijgen na de ervaringen in de jaren 30 en 40 van de vorige eeuw dat zij het bewind van Hitler steunden. 

Workshop 2: Vakbonden en de diplomademocratie met Dirk Kloosterboer

Dirk Kloosterboer sprak in zijn workshop over vakbonden en diplomademocratie. Zijn onderzoek toont aan dat het aandeel hoogopgeleiden onder vakbondsbestuurders is toegenomen in de afgelopen eeuw. Deze toename loopt gelijk op met de ontwikkeling (jaren 1920 en ’30) en uitbouw (1950 en ’60) van het Nederlandse overlegmodel en versnelde vanaf de jaren ’80, toen de externe werving van vakbondsbestuurders op gang kwam. Met de professionalisering van bestuurders, spelen vakbonden in op veranderingen in de economie en het Poldermodel dat andere vormen van expertise en representatieve afspiegeling vragen. Kloosterboer toont dat de FNV voedingsbond een opvallende uitzondering vormt en juist een patroon van de-professionalisering laat zien vanaf de jaren ’80, waarbij ervaring en/of affiniteit met de sector expliciet benoemd wordt als functievereiste in de vacatureteksten van die tijd. Een aantal aanwezige oud vakbondsbestuurders wijzen op het verschil in papieren wervingsteksten en staande praktijk. Zo werd bij de eerste werving van vrouwelijke bestuurders voor de industrie en vervoersbond (vanaf eind jaren ’80) functievereisten opgenomen die eerder voor mannelijke bestuurders niet genoemd werden, zoals opleiding of een rijbewijs. 

Workshop 3: Zeggenschap over werktijden met Gerdien Oldenhuis

Gerdien Oldenhuis vertelde in deze workshop over haar onderzoek naar zeggenschap over werktijden. Zeggenschap over werktijden is van oudsher een belangrijk thema voor vakbonden, en het blijft ook nu actueel. Ze laat zien dat de zeggenschap over werktijden in de loop der tijd steeds meer op individueel niveau wordt vormgegeven. Een van de voorbeelden die ze hierbij aanhaalt, is de Wet flexibel werken; een werknemer heeft het recht om een verzoek in te dienen om zijn of haar arbeidsduur, -plaats, en werktijd aan te passen. Oldenhuis merkt echter op dat deze regeling te vrijblijvend is ingevuld en onvoldoende rekening houdt met de machtsverhoudingen. Bovendien zijn veel werknemers in de praktijk niet op de hoogte van hun rechten. De deelnemers wezen onder andere op de rol die de pandemie heeft gespeeld in het thuiswerken van (kantoor)personeel, en hoe de huidige krapte in de zorgsector dwingt tot experimenten met zelfroostering. De conclusie was dat zeggenschap over werktijden beter collectief geregeld kan worden. Het collectief organiseren hiervan maakt het mogelijk om, zelfs in sectoren waar de werkplek centraal staat, betere zeggenschap voor werkenden te realiseren.

 

Scriptieprijs van de vakbeweging

Aan het einde van de middag werd de scriptieprijs van de vakbeweging 2025 uitgereikt door FNV vice-voorzitter Jacqie van Stigt. In haar toespraak wees zij onder andere op de kwaliteit van de aanmeldingen van dit jaar. Er waren drie genomineerden: Niloufar Nematollahi met ‘Oil Worker As Figure’, Sil van den Hoven met ‘Wie bewaakt de bewakers? Over het toezicht op de eigenrisicodragers voor de ziektewet’, en Tobias de Vries met ‘Het recht op collectief onderhandelen als sociaal grondrecht’. Volgens Van Stigt zijn deze scripties het lezen waard, maar uiteindelijk heeft de jury dit jaar de scriptieprijs aan Sil van den Hoven uitgereikt. Zijn scriptie levert interessante conclusies op over de rechtsbescherming van (ex-)werknemers van bedrijven die de Ziektewet zelf uitvoeren. De toegevoegde waarde van de scriptie is groot, en de betekenis voor de vakbeweging eveneens, zowel beleidsmatig als voor (juridische) dienstverlening. Het juryrapport en de genomineerde scripties zijn te vinden op deze pagina.

Top